MFK mei 2026: concrete programma's, spanning groeit

27 mei 2026 - door Kaatje Gevaert

De onderhandelingen over het Meerjarig Financieel Kader (MFK) 2028–2034 gingen in mei een nieuwe fase in. Waar april draaide rond algemene positionering, verschoof de focus naar concrete programma’s, financieringsmechanismen en politieke machtsverhoudingen tussen lidstaten. Vooral binnen de Raad van de EU wordt intensief gewerkt aan de voorbereiding van de gezamenlijke positie van de lidstaten.

Drie ontwikkelingen springen er deze maand uit:

  • De Raad zet stappen richting nieuwe EU-programma’s: Met akkoorden over Erasmus+ en het nieuwe AgoraEU-programma leggen de lidstaten hun eerste formele onderhandelingsposities vast. Deze vormen de basis voor de latere gesprekken met het Europees Parlement.

  • De tegenstelling tussen “Frugals” en “Friends of Cohesion” wordt scherper: Lidstaten raken steeds meer verdeeld over de omvang van het toekomstige EU-budget, de rol van cohesiebeleid en de financiering van nieuwe prioriteiten zoals defensie, concurrentievermogen en strategische autonomie. 

  • België kiest voor een middenpositie in het MFK-debat: België profileert zich tussen de “Frugals” en de “Friends of Cohesion”. Ons land erkent de nood aan budgettaire discipline, maar benadrukt tegelijk het belang van cohesiebeleid, strategische investeringen en een evenwicht tussen competitiviteit en solidariteit binnen de EU.

Bekijk helemaal onderaan de tijdlijn.

Raad van de EU start technische en politieke onderhandelingen

Na de publicatie van de Commissievoorstellen zijn de lidstaten gestart met de formele behandeling van de dossiers binnen de Raad van de EU.

Binnen de bevoegde werkgroepen analyseren nationale experten de wetsvoorstellen en onderhandelen zij over mogelijke aanpassingen. Op basis van deze discussies werkt het voorzitterschap zogenaamde Presidency compromise texts uit om de uiteenlopende standpunten dichter bij elkaar te brengen.

De onderhandelingen worden voorbereid binnen:

  • COREPER (Comité van Permanente Vertegenwoordigers);

  • de Raad Algemene Zaken (RAZ/GAC), waar ministers voor Europese Zaken de politieke lijnen uitzetten.

Het Cypriotisch voorzitterschap wil nog steeds in juni een eerste “negotiating box” met politieke keuzes presenteren.

Raad zet eerste stappen richting nieuwe programma’s

Erasmus+: focus op skills, waarden en synergieën

Op 11 mei bereikten de lidstaten een gedeeltelijk akkoord over hun positie voor het toekomstige Erasmus+-programma 2028–2034.

Belangrijke accenten zijn:

  • een sterkere rol voor lidstaten via het programmacomité;

  • extra aandacht voor Centres of Vocational Excellence;

  • Europese waarden zoals democratie, inclusie en solidariteit;

  • synergieën met Horizon Europe en het toekomstige Europese Concurrentiefonds;

  • verdere ondersteuning van European University Alliances.

Daarnaast introduceert de Raad het concept van “Talent and Excellence Development Opportunities” (TEDO’s) als opvolger van de klassieke Erasmus+-beurzen.

AgoraEU bundelt cultuur, media en democratische waarden

Ook over het nieuwe AgoraEU-programma bereikten de lidstaten een gedeeltelijk politiek akkoord.

Het programma bundelt:

  • Creative Europe – Culture;

  • MEDIA+;

  • CERV+.

Belangrijke aandachtspunten zijn:

  • bescherming van artistieke en mediavrijheid;

  • ondersteuning van culturele en creatieve sectoren;

  • aandacht voor ethisch gebruik van artificiële intelligentie;

  • nationale AgoraEU Desks ter ondersteuning van organisaties.

De Commissie stelde hiervoor een budget van €8,6 miljard voor, maar de definitieve enveloppe maakt deel uit van de bredere MFK-onderhandelingen.

“Frugals” versus “Friends of Cohesion”

In de onderhandelingen over het MFK 2028–2034 wordt de tegenstelling tussen de zogenaamde “Frugals” en de “Friends of Cohesion” steeds groter. Een groep nettobetalers— waaronder Nederland, Zweden, Denemarken en Duitsland — pleit voor een beperkter Europees budget, strengere prioriteiten en meer focus op nieuwe uitdagingen zoals defensie, veiligheid en concurrentievermogen. 

Daartegenover staat een brede coalitie van vooral Zuid- en Oost-Europese lidstaten, geleid door Roemenië, die sterk inzet op het behoud van cohesiebeleid en landbouwmiddelen. Deze landen waarschuwen dat een te sterke focus op competitiviteit en “excellentiecriteria” binnen het toekomstige European Competitiveness Fund (ECF) de economische verschillen binnen de EU verder kan vergroten. 

Naast de budgettaire discussie groeit ook de druk om Europese middelen sterker te koppelen aan de rechtsstaat. Duitsland, Nederland, Zweden en andere lidstaten vragen:

  • strengere sancties;

  • uitbreiding van conditionaliteit naar nieuwe fondsen zoals het ECF;

  • minder flexibiliteit bij schendingen van fundamentele waarden.

Dit debat blijft politiek bijzonder gevoelig, vooral richting Hongarije en andere lidstaten waar discussies lopen over democratische standaarden.

Positie België: tussen begrotingsdiscipline en strategische investeringen

België neemt in deze discussies een gematigde middenpositie in tussen de “frugals” en de “Friends of Cohesion”.

Tijdens de Raad benadrukte België dat:

  • de budgettaire ruimte van veel lidstaten beperkt is;

  • het totale MFK-budget dus niet onbeperkt kan stijgen;

  • Europese middelen strategischer moeten worden ingezet.

Tegelijk erkent België nadrukkelijk dat:

  • cohesiebeleid en landbouw essentieel blijven;

  • concurrentievermogen, innovatie en veiligheid nieuwe prioriteiten zijn;

  • private investeringen sterker moeten worden gemobiliseerd.

België sluit zich dus niet volledig aan bij de positie van Nederland, Zweden of Duitsland, die sterke besparingen eisen, maar verdedigt ook geen uitgesproken expansief Europees budget zoals Spanje of Italië.

Wat betekent dit voor Vlaanderen?

Voor Vlaanderen worden de komende maanden cruciaal.

De onderhandelingen zullen bepalen:

  • hoe middelen verdeeld worden tussen innovatie en cohesie;

  • welke rol regio’s behouden;

  • hoe programma’s zoals Interreg, EFRO, Erasmus+, Horizon Europe en het toekomstige Europese Concurrentiefonds eruit zullen zien;

  • in welke mate excellentiecriteria toegang tot middelen zullen beïnvloeden.

De Belgische middenpositie biedt Vlaanderen voorlopig ruimte om zowel competitiviteits- als cohesiebelangen te verdedigen.

Conclusie

Mei 2026 markeerde de overgang van strategische positionering naar echte politieke onderhandelingen over het toekomstige Europese financieringslandschap. 

De tegenstellingen worden scherper:

  • tussen noord en zuid;

  • tussen competitiviteit en cohesie;

  • tussen begrotingsdiscipline en investeringsambitie.

Tegelijk beginnen de contouren van de nieuwe Europese programma’s steeds duidelijker zichtbaar te worden.

Voor België en Vlaanderen wordt het cruciaal om in de komende maanden een evenwicht te vinden tussen:

  • sterke innovatie- en competitiviteitsinstrumenten;

  • voldoende cohesie-investeringen;

  • en een werkbaar Europees budget binnen de nationale budgettaire realiteit.