23 oktober 2026 - door Paula Verschaeve
Tijdens de plenaire vergadering van 22 oktober nam het Europees Parlement zijn standpunt voor COP31 aan. Het bevestigt daarmee grotendeels de prioriteiten die de milieucommissie (ENVI) op 1 oktober vastlegde.
In de resolutie pleit het Parlement voor een snellere wereldwijde uitfasering van fossiele brandstoffen, meer en eerlijkere klimaatfinanciering voor kwetsbare landen en het nakomen van toezeggingen rond klimaatadaptatie, verlies en schade.
Van 9 tot en met 20 november vindt COP31 plaats in Antalya, Turkije. Welke koers wil Turkije als voorzitter varen? Ontdek de belangrijkste uitgangspunten in dit VLEVA-artikel.
Volgens het Europees Parlement kan de EU haar klimaatinspanningen niet vertragen. De EU ligt momenteel op koers om haar uitstoot tegen 2030 met 54% te verminderen ten opzichte van 1990, op voorwaarde dat de lidstaten hun bestaande plannen uitvoeren. Toch tonen voorlopige cijfers dat de uitstoot tussen 2024 en 2025 met 1% steeg.
De Europarlementsleden roepen de Europese Commissie en de lidstaten daarom op om hun klimaatinspanningen verder te versterken. Ze benadrukken dat het Europese beleid in lijn moet blijven met de Overeenkomst van Parijs en de meest recente wetenschappelijke inzichten.
Het Europees Parlement wil dat landen sneller werk maken van de afspraken over de afbouw van fossiele brandstoffen die tijdens COP30 werden gemaakt.
De Europarlementsleden vragen dat de EU een voortrekkersrol speelt in de onderhandelingen over een internationaal verdrag om de verdere verspreiding van fossiele brandstoffen tegen te gaan. Daarnaast pleiten ze voor concrete tijdschema’s om subsidies voor fossiele brandstoffen af te schaffen en de productie ervan geleidelijk stop te zetten. De EU moet daarbij het goede voorbeeld geven met een eigen strategie en tijdschema voor de uitfasering van fossiele brandstoffen in de hele economie.
Het Parlement benadrukt ook dat de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen de EU kwetsbaar maakt in tijden van geopolitieke instabiliteit. De overstap naar een koolstofarme economie is volgens de Europarlementsleden dan ook belangrijk om de strategische autonomie van de EU te versterken.
Het Europees Parlement benadrukt dat de kloof tussen de benodigde en beschikbare klimaatfinanciering steeds groter wordt. Het roept daarom op om dringend meer middelen vrij te maken.
Hoewel de EU en haar lidstaten wereldwijd de grootste verstrekkers van publieke klimaatfinanciering blijven, pleiten de Europarlementsleden voor hogere financiële bijdragen, vooral via subsidies en financiering tegen gunstige voorwaarden. Ze waarschuwen ook dat bestaande middelen niet dubbel mogen worden geteld of anders ingedeeld om de nieuwe internationale doelstelling voor klimaatfinanciering (NCQG) te halen.
Daarnaast vraagt het Parlement bijzondere aandacht voor de schuldenlast van kwetsbare landen. Klimaatfinanciering mag hun schulden niet verder verhogen. Daarom moeten subsidies en maatregelen voor schuldverlichting voorrang krijgen.
Wereldwijd leven tot 3,6 miljard mensen in omstandigheden die hen bijzonder kwetsbaar maken voor klimaatverandering. Het Europees Parlement wil daarom dat landen hun klimaatbeloftes sneller omzetten in concrete maatregelen.
De Europarlementsleden pleiten voor meer voorspelbare en toegankelijke financiering voor het fonds voor verlies en schade, dat kwetsbare landen ondersteunt bij de gevolgen van klimaatverandering. Daarnaast roepen ze alle partijen op om hun belofte na te komen om de financiering voor klimaatadaptatie tegen 2035 te verdrievoudigen.
Ook vraagt het Parlement om het mechanisme voor een rechtvaardige transitie, waarover tijdens COP30 een akkoord werd bereikt, snel in werking te stellen. Daarbij benadrukt het dat klimaatactie hand in hand moet gaan met steun voor groene jobs, omscholing en sociale dialoog.
Op 12 oktober legden de lidstaten in Raadsconclusies hun belangrijkste standpunten voor COP31 vast. Nu ook het Europees Parlement zijn prioriteiten heeft bepaald, zijn de grote lijnen van de Europese inzet voor COP31 duidelijk.
Resolutie van het Europees Parlement over COP31 (zie bijlage)