02 oktober 2026 - door Paula Verschaeve
Op donderdag 1 oktober keurden de leden van de milieucommissie (ENVI) van het Europees Parlement hun ontwerpresolutie voor COP31 goed. De VN-klimaatconferentie vindt van 9 tot en met 20 november plaats in Antalya, Turkije.
De uitfasering van fossiele brandstoffen, meer klimaatfinanciering en extra steun voor klimaatadaptatie, verlies en schade staan centraal in de resolutie. Ook de schuldenlast van kwetsbare landen krijgt veel aandacht.
📌 Onderaan deze pagina vind je de volledige ontwerpresolutie.
COP31 vindt van 9 tot en met 20 november 2026 plaats in Antalya, Turkije. Tegen de achtergrond van de klimaatcrisis en geopolitieke onzekerheid wil het Turkse voorzitterschap vooral werk maken van de uitvoering van bestaande klimaatafspraken.
Turkije presenteert COP31 als de ‘COP van de toekomst’. De focus verschuift daarbij van internationale engagementen naar concrete, meetbare en duurzame klimaatactie. Het voorzitterschap wil zo het vertrouwen in de internationale klimaatsamenwerking versterken en de klimaatdiplomatie een nieuwe impuls geven.
Het voorzitterschap schuift daarvoor drie pijlers naar voren.
1) Dialoog en vertrouwen
Via dialoog wil Turkije het vertrouwen tussen landen versterken. Daarbij wil het meer ruimte geven aan de stem van kwetsbare gemeenschappen, ontwikkelingslanden, lokale besturen, het maatschappelijk middenveld en jongeren.
2) Gedeelde verantwoordelijkheid
Energiezekerheid en klimaatdoelstellingen moeten volgens het voorzitterschap hand in hand gaan. Turkije wil internationale consensus bevorderen over een rechtvaardige groene transitie die ook rekening houdt met de ontwikkelingsnoden van landen.
3) Van engagement naar uitvoering
De derde pijler draait om de uitvoering van bestaande engagementen. Het voorzitterschap verwijst onder meer naar de mondiale doelstelling om tegen 2035 een elektrificatiegraad van 35% te bereiken, de vermindering van de methaanuitstoot en de ontwikkeling van weerbare en energie-efficiënte steden.
Een nieuwe ‘Climate Implementation Bridge’ moet bovendien helpen om klimaatfinanciering sneller en doeltreffender in te zetten.
Op 1 oktober gaf de ENVI-commissie groen licht voor haar ontwerpresolutie over de prioriteiten van het Europees Parlement voor COP31. De Europarlementsleden benadrukken dat Europa het snelst opwarmende continent blijft en vinden dat de EU haar klimaatambities moet aanhouden. Als de lidstaten alle bestaande en geplande maatregelen uitvoeren, ligt de EU volgens de ontwerpresolutie op koers om haar netto-uitstoot tegen 2030 met ongeveer 54% te verminderen ten opzichte van 1990.
Tegelijk wijzen voorlopige cijfers op een stijging van de EU-uitstoot met 1% tussen 2024 en 2025. De Europarlementsleden vragen de lidstaten daarom om bijkomende inspanningen te leveren, met ondersteuning van de Europese Commissie. Het Europese klimaatbeleid moet volgens hen in lijn blijven met het Akkoord van Parijs en steunen op de best beschikbare wetenschappelijke kennis.
1) Fossiele brandstoffen uitfaseren
De Europarlementsleden willen de transitie weg van fossiele brandstoffen versnellen, in lijn met de afspraken van COP30. Ze vragen dat de EU een voortrekkersrol speelt in de onderhandelingen over een internationaal verdrag voor de uitfasering van fossiele brandstoffen. Daarnaast pleiten ze voor duidelijke termijnen om subsidies voor en de productie van fossiele brandstoffen af te bouwen. Ook vragen ze een Europese strategie om fossiele brandstoffen in de hele economie uit te faseren. Volgens de Europarlementsleden kan een lagere afhankelijkheid van fossiele brandstoffen ook de strategische autonomie van de EU versterken.
2) Klimaatfinanciering opschalen
De Europarlementsleden vragen meer klimaatfinanciering om de kloof tussen de financieringsbehoeften en de beschikbare middelen te verkleinen. De EU en haar lidstaten blijven belangrijke verstrekkers van publieke klimaatfinanciering. Toch vragen de Europarlementsleden om de bijdragen verder te verhogen, vooral via subsidies en financiering tegen gunstige voorwaarden. Bestaande middelen mogen daarbij niet dubbel worden geteld om de nieuwe mondiale klimaatfinancieringsdoelstelling (NCQG) te halen. Klimaatfinanciering moet bovendien vermijden dat de schuldenlast van kwetsbare landen verder toeneemt.
3) Meer aandacht voor adaptatie, verlies en schadeÂ
Volgens de ontwerpresolutie leven tot 3,6 miljard mensen in omstandigheden die hen zeer kwetsbaar maken voor klimaatverandering. De Europarlementsleden vragen daarom om de voorspelbare en toegankelijke financiering voor het fonds voor verlies en schade snel op te schalen. Ook roepen ze alle partijen op om de financiering voor klimaatadaptatie tegen 2035 te verdrievoudigen. Daarnaast vragen ze om het tijdens COP30 overeengekomen mechanisme voor een rechtvaardige transitie snel operationeel te maken. Klimaatactie moet volgens hen samengaan met maatregelen voor groene jobs, omscholing en sociale dialoog.
Het Europees Parlement stemt tijdens de plenaire vergadering van 19 tot en met 22 oktober over zijn definitieve resolutie.
Ook de Raad werkt aan zijn positie voor COP31. Tijdens de Raad Milieu van 12 oktober bespreken de EU-ministers de voorbereidingen voor de klimaattop. Ze worden daarbij gevraagd om de Raadsconclusies over COP31 goed te keuren.
Ontwerpresolutie (zie bijlage)Â