Europees akkoord over chemisch vereenvoudigingspakket met extra waarborgen

18 juni 2026 - door Paula Verschaeve

Onderhandelaars van het Europees Parlement en de Raad bereikten tijdens de eerste triloog van 16 en 17 juni een voorlopig politiek akkoord over een voorstel van de Europese Commissie om de regels voor de indeling, verpakking en etikettering van chemische stoffen, cosmetische producten en bemestingsproducten te vereenvoudigen. 

Het voorstel maakt deel uit van het zesde omnibuspakket voor chemische stoffen. Dat pakket moet de administratieve lasten voor bedrijven verminderen, zonder afbreuk te doen aan de bescherming van consumenten, werknemers, de gezondheid en het milieu.  

🖇️ Zodra de tekst van het voorlopig politiek akkoord beschikbaar is, voegen we die hier toe.

De essentie

  • Er is een Europees akkoord bereikt over het zesde omnibuspakket voor chemische stoffen. 

  • De toepassingsdatum van de wijzigingen aan de drie betrokken verordeningen wordt afgestemd op 1 januari 2030.

  • De medewetgevers volgen grotendeels het Commissievoorstel, maar voegen bijkomende waarborgen toe voor consumentenbescherming en chemische veiligheid.

Wat houdt het akkoord in? 

Het akkoord volgt op het eerder goedgekeurde ‘stop-the-clock’-mechanisme, dat de toepassing van de herziene verordening voor de indeling, verpakking en etikettering van chemische stoffen (CLP) uitstelde tot 1 januari 2028

⏯️ De Raad en het Europees Parlement verschuiven die datum nu verder naar 1 januari 2030, zodat de toepassing van de drie betrokken verordeningen gelijkloopt. Het gaat om: 

  • De verordening over de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels (CLP)

  • De verordening over cosmetische producten

  • De verordening over het op de markt aanbieden van EU-bemestingsproducten  

Hoewel het akkoord grotendeels aansluit bij het Commissievoorstel, voeren de medewetgevers op verschillende punten strengere beschermingsmaatregelen in.

1) Verordening over de indeling, etikettering en verpakking van stoffen en mengsels (CLP)

De wijzigingen aan de CLP-verordening hebben vooral betrekking op etikettering en heretikettering van chemische producten. De bedoeling is de administratieve lasten te verminderen en tegelijk duidelijke informatie voor gebruikers te garanderen.

Voor producten die tussen bedrijven worden verhandeld, gelden voortaan algemene leesbaarheidscriteria voor etiketten. Voor consumentenproducten blijven strengere eisen gelden, zoals minimale lettergroottes op het etiket.

Daarnaast voorzien de medewetgevers uitzonderingen voor kleine verpakkingen. Daardoor kunnen bepaalde kleine binnenverpakkingen, zoals printerinktcartridges, gebruikmaken van digitale etiketten, op voorwaarde dat de volledige informatie op de buitenverpakking beschikbaar blijft.

Ook de regels voor heretikettering worden aangepast. Wanneer nieuwe informatie aantoont dat een stof gevaarlijker is dan eerder gedacht, krijgen bedrijven voortaan 15 maanden om hun etikettering aan te passen. De Commissie had voorgesteld om dit te laten gebeuren "zonder onnodige vertraging".

2) Cosmeticaverordening 

De belangrijkste wijzigingen hebben betrekking op kankerverwekkende, mutagene en voor de voortplanting schadelijke stoffen (CMR-stoffen).

De medewetgevers verkorten de overgangsperiodes voor het uit de handel nemen van producten die dergelijke stoffen bevatten. Zo willen zij sneller inspelen op nieuwe risico's voor de gezondheid.

Wanneer geen aanvraag wordt ingediend om een betrokken stof verder te gebruiken, mogen producten met die stof nog maximaal zes maanden op de markt worden gebracht. Na twaalf maanden mogen ze ook niet langer beschikbaar zijn voor consumenten. De Commissie had hiervoor overgangsperiodes van respectievelijk twaalf en vierentwintig maanden voorgesteld. 

Daarnaast schrappen de medewetgevers de voorgestelde uitzondering voor CMR-stoffen op basis van blootstelling via inslikken of inademing.

Het akkoord vraagt de Commissie ook richtsnoeren op te stellen over alternatieven voor CMR-stoffen. Dat moet cosmeticabedrijven meer duidelijkheid geven bij de zoektocht naar veilige vervangende stoffen.

Verder behouden de medewetgevers de kennisgevingsplicht voor nanomaterialen in cosmetische producten. Producenten moeten deze informatie blijven indienen voordat een product op de markt wordt gebracht. De verplichte kennisgeving zes maanden vooraf verdwijnt wel. 

3) Verordening over bemestingsproducten  

De wijzigingen aan de verordening voor bemestingsproducten zijn voornamelijk technisch van aard. Ze verduidelijken de voorwaarden waaronder bestanddelen van bemestingsproducten in aanmerking komen voor een CE-markering.

Daarnaast vragen de medewetgevers de Commissie om de registratievereisten voor bepaalde categorieën bestanddelen te moderniseren. Het gaat onder meer om micro-organismen, dierlijke bijproducten, polymeren en andere materialen die vandaag moeilijk binnen de bestaande categorieën van bestanddelen (CMC's) passen.

De Raad en het Europees Parlement volgen het Commissievoorstel niet om voor bepaalde stoffen terug te vallen op de standaardregels van REACH. Voor stoffen die als bijzonder schadelijk zijn geclassificeerd, blijven strengere registratievereisten gelden. Daarmee willen de medewetgevers een hoog niveau van bescherming voor mens en milieu behouden.

Volgende stappen

🔜 De 27 lidstaten en de leden van het Europees Parlement moeten het voorlopig akkoord nog formeel goedkeuren. Dat wordt verwacht in de loop van 2026. Na die stap worden de nieuwe regels gepubliceerd in het EU-Publicatieblad en treden ze twintig dagen later in werking. 

Meer weten

Het voorstel van de Commissie 

Het persbericht van de Raad

Het persbericht van het Europees Parlement