17 juni 2026 - door Paula Verschaeve
De Raad heeft op 12 juni zijn standpunt aangenomen over het voorstel van de Commissie om de reikwijdte van het Carbon Border Adjustment Mechanism (CBAM) uit te breiden en mogelijke achterpoortjes te sluiten waarmee het systeem kan worden omzeild.
Slowakije, Roemenië, Letland en Estland steunen het standpunt van de Raad niet.
Tijdens de Raad Economische en Financiële Zaken van 12 juni hebben de EU-ministers hun standpunt vastgelegd over de uitbreiding van de CO₂-grenstaks (CBAM).
De Raad steunt het behoud van stroomafwaartse staal- en aluminiumproducten binnen CBAM, met extra flexibiliteit voor lidstaten en bedrijven via tijdelijke vrijstellingen, uitzonderingen voor ultraperifere regio’s en correcties van aangiften. Tegelijk worden de antimisbruikregels aangescherpt.
Zodra het Europees Parlement zijn positie heeft bepaald, kunnen de onderhandelingen starten.
De bedoeling is om vóór eind 2026 een akkoord te sluiten.
🖇️ De volledige tekst van het standpunt van de Raad vind je in bijlage onderaan deze pagina.
CBAM geldt vandaag voor koolstofintensieve basismaterialen zoals aluminium, ijzer en staal. Vanaf 1 januari 2026 betalen niet-Europese producenten een CO₂-prijs wanneer zij deze producten naar de EU exporteren. Om te voorkomen dat productie verschuift naar landen met lagere koolstofkosten of dat ingevoerde, meer koolstofintensieve producten EU-producten verdringen, wil de Commissie het mechanisme uitbreiden naar 180 staal- en aluminiumintensieve producten verder in de waardeketen.
Het gaat onder meer om producten uit de machinebouw, metaalindustrie, voertuigonderdelen, huishoudtoestellen en bouwmachines, zoals staaldraad, kabels, touwen en wasmachines. Hierdoor zouden niet alleen grondstoffen, maar ook producten die daarvan zijn gemaakt onder de koolstofgrensheffing vallen.
De Raad steunt deze uitbreiding, maar verfijnt de lijst van producten die onder CBAM kunnen vallen. Daarnaast vragen de lidstaten de Commissie om jaarlijks te beoordelen welke bijkomende producten verder in de waardeketen in aanmerking komen voor opname in het mechanisme.
Wat de maatregelen tegen ontwijking betreft, sluit de Raad zich grotendeels aan bij het voorstel van de Commissie. Zo zou ook metaalschroot uit de pre-consumentenfase onder CBAM vallen. Daarnaast kan de Commissie ingrijpen wanneer ondernemingen met een hoog risico misleidende informatie rapporteren.
Het Commissievoorstel voorziet ook in een procedure om goederen tijdelijk vrij te stellen van CBAM wanneer ernstige en onvoorziene omstandigheden de interne markt zwaar verstoren.
De Raad verduidelijkt hoe dit vrijstellingsmechanisme moet werken en bakent de bevoegdheid van de Commissie om vrijstellingen toe te kennen duidelijker af. Volgens de Raad mogen dergelijke vrijstellingen enkel worden toegekend op basis van duidelijke en objectieve criteria, zoals een sterke stijging van de prijzen op de EU-markt.
De Raad voegt ook een tijdelijke vrijstelling toe voor de ultraperifere gebieden. Die uitzondering beperkt zich tot bepaalde bouwmaterialen en kan uitsluitend worden ingezet in uitzonderlijke omstandigheden, bijvoorbeeld na een natuurramp.
Zodra het Europees Parlement zijn standpunt heeft vastgesteld, kunnen de onderhandelingen met de Raad van start gaan. Beide instellingen streven ernaar om vóór eind 2026 een akkoord te bereiken.