30 april 2026 - door Paula Verschaeve
Op 29 april heeft de Europese Commissie een tijdelijk en gericht staatssteunkader aangenomen. Het METSAF (Middle East Crisis Temporary State Aid Framework) is een extra instrument voor lidstaten om de impact van de energiecrisis te temperen. De tijdelijke vereenvoudiging van de staatssteunregels werd al aangekondigd in AccelerateEU, een toolbox met aanbevelingen voor energiemaatregelen.
Energie-intensieve sectoren en economische sectoren die het zwaarst lijden onder de gestegen gas-, olie- en grondstoffenprijzen, krijgen extra staatssteun. Het gaat om landbouw, visserij en vervoer (weg, spoor, binnenvaart en korte vaart binnen de EU). Het nieuwe kader geldt niet voor de luchtvaart.
🎯 De mededeling van de Commissie bevat een lijst van tijdelijke steunmaatregelen en tijdelijke wijzigingen van het Clean Industrial Deal State Aid Framework (CISAF).
Het METSAF geldt tot en met 31 december 2026.
In het licht van de ontwikkelingen in het Midden-Oosten en de algemene economische situatie blijft de Commissie de inhoud, reikwijdte en duur van het kader voortdurend evalueren. 🇪🇺
De Commissie laat tijdelijke en gerichte steun toe voor bedrijven in de landbouw-, visserij- en aquacultuursector. Deze sectoren ondervinden directe of indirecte gevolgen van de crisis in het Midden-Oosten. De steun moet helpen om de impact van sterk gestegen brandstof- en meststoffenprijzen op te vangen.
De Commissie keurt deze staatssteun goed als lidstaten een aantal duidelijke voorwaarden naleven:
De steun verloopt via een regeling met een vast budget en wordt uiterlijk eind 2026 toegekend.
Lidstaten kunnen verschillende vormen gebruiken, zoals subsidies, belastingvoordelen, leningen of garanties, zolang ze binnen de vastgelegde plafonds blijven.
De steun dekt in principe tot 70% van de extra kosten door de crisis in het Midden-Oosten, vooral voor duurdere brandstof en meststoffen. Die kosten worden berekend op basis van recente of eerdere verbruiksgegevens. In sommige gevallen kan dit oplopen tot 100%.
De steun mag niet afhangen van prijzen of productievolumes en moet binnen de EU-regels voor de sector blijven.
Terugbetaalbare steun, zoals leningen, kan later worden omgezet in subsidies, onder strikte voorwaarden.
Bedrijven die al vóór de crisis in financiële moeilijkheden zaten, komen in principe niet in aanmerking. Voor micro- en kleine ondernemingen geldt een uitzondering, zolang ze niet in een insolventieprocedure zitten en geen eerdere reddingssteun kregen.
Lidstaten kunnen een voorschot uitbetalen, nog vóór alle bewijsstukken zijn gecontroleerd. Ze mogen daarvoor eigen ramingen gebruiken. Nadien moeten ze nagaan of de begunstigde aan alle voorwaarden voldoet. Bedragen die niet correct blijken, moeten uiterlijk zes maanden na de steunperiode worden teruggevorderd.
Als alternatief kunnen lidstaten de steun eenvoudiger berekenen, bijvoorbeeld op basis van de grootte en het type bedrijf of het geschatte verbruik in de sector. In dat geval geldt een maximum van 50.000 euro per onderneming.
Voor de visserij- en aquacultuursector mag deze steun worden gecombineerd met andere Europese steun, zolang de maximale steunpercentages worden gerespecteerd.
De Commissie laat tijdelijke en gerichte steun toe voor bedrijven in het spoor-, weg- en binnenvaartvervoer. Deze sectoren ondervinden directe of indirecte gevolgen van de crisis in het Midden-Oosten. De steun moet helpen om de impact van de sterk gestegen brandstofprijzen te beperken.
De Commissie aanvaardt deze staatssteun als lidstaten de volgende voorwaarden naleven:
De steun verloopt via een regeling met een vast budget en wordt uiterlijk eind 2026 toegekend.
Lidstaten kunnen verschillende vormen gebruiken, zoals subsidies, belastingvoordelen, leningen of garanties, zolang ze binnen de plafonds blijven.
De steun dekt maximaal 70% van de extra brandstofkosten door de crisis, berekend op basis van recente of eerdere verbruiksgegevens. In sommige gevallen kan dit oplopen tot 100%.
Leningen of garanties kunnen later worden omgezet in subsidies, onder strikte voorwaarden en binnen de plafonds.
Bedrijven die al vóór de crisis in financiële moeilijkheden zaten, komen in principe niet in aanmerking. Voor micro- en kleine ondernemingen geldt een uitzondering, zolang ze niet in een insolventieprocedure zitten en geen eerdere reddings- of herstructureringssteun kregen.
Lidstaten kunnen een voorschot uitbetalen op basis van eigen ramingen. Achteraf moeten ze nagaan of de begunstigde aan alle voorwaarden voldoet. Onterecht toegekende steun moet binnen zes maanden na de steunperiode worden teruggevorderd.
Daarnaast kunnen lidstaten de steun eenvoudiger berekenen, bijvoorbeeld op basis van de grootte en het type bedrijf of het geschatte brandstofverbruik. In dat geval geldt een maximum van 50.000 euro per onderneming.
De Commissie laat tijdelijke en gerichte steun toe voor bedrijven in de korte vaart binnen de EU. Deze sector ondervindt directe of indirecte gevolgen van de crisis in het Midden-Oosten. De steun moet helpen om de impact van de sterk gestegen brandstofprijzen te beperken.
De Commissie aanvaardt deze staatssteun als lidstaten duidelijke voorwaarden naleven:
De steun verloopt via een regeling met een vast budget en wordt uiterlijk eind 2026 toegekend.
De steun kan verschillende vormen aannemen, zoals subsidies, belastingvoordelen, leningen of garanties, zolang ze binnen de plafonds blijft.
De steun dekt maximaal 70% van de extra brandstofkosten door de crisis, berekend op basis van recente of eerdere verbruiksgegevens. In sommige gevallen kan dit oplopen tot 100%.
ETS-kosten worden niet rechtstreeks gecompenseerd.
Leningen of garanties kunnen later worden omgezet in subsidies, onder strikte voorwaarden en binnen de plafonds.
Bedrijven die al vóór de crisis in financiële moeilijkheden zaten, komen in principe niet in aanmerking. Voor micro- en kleine ondernemingen geldt een uitzondering, zolang ze niet in een insolventieprocedure zitten en geen eerdere reddings- of herstructureringssteun kregen.
Lidstaten kunnen een voorschot uitbetalen op basis van eigen ramingen. Achteraf moeten ze nagaan of aan alle voorwaarden is voldaan. Onterecht toegekende steun moet binnen zes maanden na de steunperiode worden teruggevorderd.
Daarnaast kunnen lidstaten de steun eenvoudiger berekenen, bijvoorbeeld op basis van de grootte en het type bedrijf of het geschatte brandstofverbruik. In dat geval geldt een maximum van 50.000 euro per onderneming.
De Commissie stelt vast dat de huidige staatssteunregels onder het Clean Industrial Deal State Aid Framework (CISAF) niet volstaan om de uitzonderlijke energieprijsstijgingen door de crisis in het Midden-Oosten op te vangen. Dit treft vooral bedrijven met hoge energiekosten.
Daarom voert ze tijdelijk extra flexibiliteit in voor energie-intensieve industrieën, tot eind 2026.
Lidstaten krijgen zo meer ruimte om bedrijven te ondersteunen. Ze mogen een groter deel van de energiekosten compenseren: tot 70% van de gemiddelde groothandelsprijs van elektriciteit in de betrokken regio. De andere voorwaarden van het CISAF blijven wel gelden.
Daarnaast wordt het mogelijk om deze steun te combineren met compensatie voor indirecte ETS-kosten. Ook hier gelden duidelijke plafonds, zodat de totale steun voor hetzelfde energieverbruik beperkt blijft.
Lidstaten moeten transparant zijn over toegekende steun. Zij publiceren informatie over individuele steunmaatregelen boven 100.000 euro. Voor de sectoren primaire landbouw en visserij ligt de drempel op 10.000 euro. Deze informatie moet uiterlijk zes maanden na toekenning beschikbaar zijn.
Gaat het om steun in de vorm van een belastingvoordeel, dan geldt een termijn van één jaar na de datum van de belastingaangifte. De publicatie gebeurt via de staatssteunwebsite of het IT-instrument van de Commissie.
Daarnaast dienen lidstaten jaarlijks een verslag in bij de Commissie over de toepassing van deze regels.
Lidstaten houden ook gedetailleerde dossiers bij van alle steunmaatregelen. Deze dossiers bevatten alle nodige informatie om te controleren of aan de voorwaarden is voldaan. Zij bewaren deze gegevens gedurende tien jaar en stellen ze op verzoek ter beschikking van de Commissie.
De Commissie kan bijkomende informatie opvragen om na te gaan of lidstaten de voorwaarden correct naleven. Ze kan ook vragen om samengevoegde gegevens aan te leveren om het gebruik van de staatssteunmaatregelen beter op te volgen.
🇧🇪 "België is er voor beducht dat de grootste Europese landen - met name de buurlanden Duitsland en Frankrijk - zoveel steun gaan uittrekken dat de intra-Europese concurrentie verstoord wordt. Of ook ons land nu meer staatssteun gaat geven, wordt nog bekeken, luidde het gisteren op het kabinet van federaal minister van Financiën Jan Jambon (N-VA)." (bron: de Tijd)
Het persbericht van de Europese Commissie
Mededeling van de Commissie: Tijdelijk staatssteunkader in verband met de crisis in het Midden-Oosten (zie bijlage)