U heeft thema's geselecteerd om te volgen, maar deze worden niet opgeslagen zolang u niet bent ingelogd. Login of registreer om deze thema's te blijven volgen.

Home > node >

Scientific support to designing mitigation pathways and policies

Deadline

Code

LC-CLA-10-2020

Inleiding

De vroege jaren 2020 zullen een belangrijke periode zijn voor EU-klimaatactie. In het kader van de Overeenkomst van Parijs werden alle partijen, inclusief de EU, verzocht om tegen 2020 zowel een update van de nationaal bepaalde bijdragen (NDC's) met betrekking tot kortetermijnacties tot 2030 als langetermijnstrategieën voor de ontwikkeling van broeikasgasemissies in te dienen tot 2050. Verwacht wordt dat deze strategieën de inzet van de EU voor de Overeenkomst van Parijs zullen ondersteunen om de opwarming van de aarde tot ver beneden 2 ° C te beperken en inspanningen te blijven leveren om deze onder 1,5 ° C te houden. Ze zullen ook ingaan op de noodzaak om tegen het midden van de eeuw CO2-neutraliteit te bereiken, zoals benadrukt in het recente speciale IPCC-rapport over 1,5 ° C. Het bereiken van de klimaatdoelstellingen en de EU-verplichtingen van Parijs zal ook afhangen van individuen, huishoudens en gemeenschappen, die systematisch koolstofarme opties moeten kiezen bij hun dagelijkse beslissingen over consumptie, levensstijl en investeringen. Effectieve communicatie over klimaatverandering en maatregelen aan de vraagzijde zal een instrument zijn voor actieve betrokkenheid van burgers. Een betrouwbaar beleidskader is nodig voor bedrijven en consumenten om beslissingen te nemen over koolstofarme consumptie, levensstijl en investeringen. Bovendien handelt de EU niet op zichzelf en kan zij de doelstellingen van de Overeenkomst van Parijs niet bereiken door haar eigen mitigatie-inspanningen. Ook zullen andere landen zich voorbereiden op hun volgende stappen met betrekking tot de ontwikkeling van nieuwe NDC's. Het bereiken van de doelstellingen van de Overeenkomst van Parijs vereist een zeer aanzienlijke toename van ambitie en snelle implementatie op wereldschaal. Acties in het kader van dit onderwerp moeten wetenschappelijk bewijs, analyse en ondersteuning voor deze processen bieden en het verband tussen de nieuwste klimaatwetenschappen, mitigatietrajecten en het onderliggende beleid versterken.

Doelstellingen

a) Beoordeling en ontwikkeling van klimaatbeleid voor het komende decennium:

Acties moeten analyseren wat heeft bijgedragen tot de verwezenlijking van de doelstellingen van het energie- en klimaatbeleid voor 2020, op basis van beschikbare Europese en nationale gegevens en resultaten, met speciale aandacht voor onder meer beleidsuitvoering, koolstofarme investeringsstromen, industriële innovatie, de energie- verband tussen landgebruik, economische en ecologische impact, en technologieontwikkeling en -verspreiding, evenals gevolgen voor de periode na 2020. In het kader van de energie- en klimaatdoelstellingen van de EU voor 2030 en met het oog op wetenschappelijke ondersteuning bij het ontwerp van het klimaatbeleid na 2030, moeten acties ook de noodzakelijke evolutie van de beleidsmix voor mitigatie, aanpassing en innovatie op alle relevante schaalniveaus analyseren, inclusief hun innovatieve financiering, de bijbehorende macro-economische en sectorale impact, inclusief op productiviteit, concurrentievermogen, milieu, gezondheid en werkgelegenheid; de vereiste investeringsstromen voor koolstofvrije oplossingen; de relevante sociaal-technische overgangsprocessen, evenals de interactie tussen actie op de korte en middellange termijn en trajecten voor mitigatie op lange termijn. Ten slotte moeten bij acties relevante (particuliere en publieke) belanghebbenden worden betrokken om hun beleidsrelevantie verder te vergroten.

b) Decarbonisatie en veranderingen in levensstijl:

Betrokkenheid van burgers bij klimaatactie zal onontbeerlijk zijn om de doelstellingen van de Overeenkomst van Parijs te realiseren, daarom zijn cruciale gebieden van actie op individueel niveau, relevante structurele veranderingen en middelen om deze te stimuleren van cruciaal belang. Dienovereenkomstig moeten acties de rol van individuen (inclusief genderaspecten), huishoudens en gemeenschappen in de sociaal-technische transitie, kritieke gebieden van levensstijlverandering en bijbehorende sociale innovatieprocessen identificeren en analyseren die wereldwijd en in Europa nodig zijn om in fase te zijn met koolstofarme emissiepaden. Bij de analyse moet onder meer rekening worden gehouden met de economische en klimaatimpact van veranderende levensstijl- en consumptiepatronen en de gezondheidsvoordelen van actie, evenals de risico's van onbedoelde gevolgen (bijvoorbeeld rebound-effecten). Acties moeten ook onderzoeken hoe veranderingen op het niveau van burgers en huishoudens kunnen worden gestimuleerd en analyseer enablers voor en belemmeringen voor publieke betrokkenheid en acceptatie. Acties kunnen ook mogelijke beleids- en communicatiestrategieën over klimaatactie onderzoeken, in voorkomend geval in combinatie met voordelen voor de gezondheid om burgers en belanghebbenden uit relevante economische sectoren te betrekken en concrete aanbevelingen te ontwikkelen. Reeds bestaande koolstofarme levensstijlen binnen opzettelijke gemeenschappen zoals ecodorpen, transitiesteden, slow food, trage stadsbewegingen of autovrij wonen, kunnen worden onderzocht in termen van wat hun actie belemmert ondanks hoge motivatie en wat kan worden geleerd voor opschalen of dupliceren koolstofarme praktijken. Ten slotte kunnen acties burgerwetenschappelijke activiteiten onderzoeken als een manier om burgers te betrekken bij en te informeren over klimaatactie.

c) Wetenschap die de voorbereidingen van NDC's onderbouwt na de wereldwijde voorraad van 2023 op wereldschaal:

Na de Talanoa-dialoog van 2018 waarin de collectieve vooruitgang van landen in wereldwijde klimaatactie werd onderzocht, zijn de volgende mijlpalen van mondiaal klimaatbeheer de 2023 Global Stocktake en de voorbereiding van nieuwe NDC's voor de periode na 2030, die voor de meeste landen tegen 2025 moeten worden ingediend. De behoefte aan adequate wetenschappelijke capaciteiten op nationaal en subnationaal niveau - en verder reikend dan grote economieën - blijft aanzienlijk. Acties moeten in deze cruciale periode ultramodern bewijs leveren aan beleidsmakers. In het bijzonder moeten zij: bijdragen aan de gegevensbasis ter ondersteuning van de inspanningen van landen om NDC's in 2024 na de wereldwijde voorraad eind 2023 af te ronden door i) het proces van de ontwikkeling van bestaande NDC's te evalueren, inclusief of en hoe beleid tegen 2023 is geïmplementeerd om deze NDC's bereiken, ii) wetenschappelijke informatie verstrekken over de beschikbare opties voor het voorbereiden van NDC's na 2030 die compatibel zijn met de doelstellingen van de Overeenkomst van Parijs (actie op middellange en lange termijn) en de nieuwste klimaatwetenschap, in de context van meervoudige economische en duurzame ontwikkeling prioriteiten en iii) aantonen door middel van kwantitatieve modelleringstechnieken hoe wetenschappelijke bevindingen, zoals die welke in het IPCC worden beoordeeld, kunnen worden vertaald in levensvatbaar beleid en duurzame koolstofarme routes op regionaal en nationaal niveau. Bovendien moeten acties inzichten verschaffen in de risico's van gestrande activa, evenals mogelijke interacties met beleid gericht op het bereiken van de duurzame ontwikkelingsdoelen. Acties moeten ook beoordelen in hoeverre, naast nationale actie in de context van NDC's, internationale bunkerbrandstoffen kunnen bijdragen aan het bereiken van de mitigatiedoelstellingen van de Overeenkomst van Parijs, en wat de risico's zijn voor dubbeltelling tussen sectoren.

Budget

25 000 000 euro

Begunstigden

Lees hier alles over de begunstigden. 

Info & contact

Kathleen Goris (VLAIO): kathleen.goris@vlaio.be/ 02 432 42 82

Your VLEVA-contact for this theme

Create an account

Horizon Europe

Inleiding

Horizon Europa is het negende kaderprogramma van de Europese Unie voor onderzoek en innovatie. Ze bestaat uit 3 pijlers: Excellente wetenschappen, Wereldwijde uitdagingen en Europees industrieel concurrentievermogen en Innovatief Europa. Daarnaast bevat het programma ook nog een horizontaal deel met maatregelen om de lidstaten te ondersteunen om optimaal gebruik te maken van hun nationale onderzoeks- en innovatiepotentieel en de Europese onderzoeksruimte te versterken.

Doelstellingen

Horizon Europe is het kaderprogramma van de EU voor onderzoek en innovatie. Het beoogt de wetenschappelijke en technologische basis van de EU en de Europese Onderzoeksruimte (EOR) te versterken, het innovatie- en concurrentievermogen en de werkgelegenheid te stimuleren 

Welke soort acties:

Eerste pijler: Excellente wetenschappen

De drie onderdelen van de eerste pijler zijn:

  • Europese Onderzoeksraad (ERC): subsidies voor talentvolle en creatieve individuele onderzoekers en hun team om grensverleggend onderzoek te doen. Alle onderzoeksdomeinen komen in aanmerking. De combinatie van verschillende domeinen is essentieel. Alle nationaliteiten komen in aanmerking, maar het onderzoek moet wel in een van de lidstaten of geassocieerde landen plaatsvinden.
  • Marie Skłodowska-Curie Actions (MSCA): de nadruk ligt op mobiliteit, carrièreontwikkeling en opleidingen van onderzoekers. Alle onderzoeksdomeinen komen in aanmerking. MSCA ondersteunt verschillende mogelijkheden voor (wereldwijde) uitwisseling van onderzoekers en ondersteunend personeel in dezelfde sector of tussen verschillende sectoren. Centraal staat het uitbouwen van competenties of projecten waarbij trainingen worden aangeboden aan doctorandi en postdoctorale onderzoekers voor het uitbouwen van een succesvolle carrière.
  • Onderzoeksinfrastructuur (RI): ontwikkeling, onderhoud en gebruik van pan-Europese onderzoeksinfrastructuren. Er zijn mogelijkheden voor opleidingen en uitwisseling van personeel en onderzoekers voor het gebruik en onderhoud van de infrastructuur. Coördinatie van het gebruik van deze infrastructuren tussen de verschillende lidstaten staat hoog op de prioriteitenlijst.

Tweede pijler: Wereldwijde uitdagingen en Europees industrieel concurrentievermogen

De tweede pijler focust op wereldwijde uitdagingen en bestaat uit zes clusters:

  • Gezondheid
  • Cultuur, creativiteit en een inclusieve samenleving
  • Civiele veiligheid voor de samenleving
  • Digitaal, industrie en ruimtevaart
  • Klimaat, energie en mobiliteit
  • Voeding, bio-economie, natuurlijke grondstoffen, landbouw en milieu

Het Gemeenschappelijk Centrum voor Onderzoek van de Europese Commissie (JRC) valt ook onder deze pijler.

Derde pijler: Innovatief Europa

De drie onderdelen van de derde pijler zijn:

  • Europese Innovatieraad (EIC) 
  • Europese innovatie-ecosystemen
  • Europees Instituut voor Innovatie en Technologie (EIT)

Horizontale pijler: Deelname verbreden en de Europese Onderzoeksruimte versterken

De twee onderdelen van de horizontale pijler zijn:

  • Deelname verbreden en excellentie verspreiden
  • De Europese O&I-systemen hervormen en verbeteren

Werkprogramma's

 

Nieuwe elementen

Horizon Europe omvat een aantal nieuwe onderdelen ten opzichte van het programma tot 2020:

  • de vijf missies gericht op het oplossen van de volgende maatschappelijke problemen: klimaatadaptatie, kanker, gezonde oceanen, zeeën, kusten en binnenlandse wateren, klimaat neutrale en slimme steden en tot slot gezonde bodem en voedsel;
  • het open wetenschapsbeleid (digitaal toegankelijk maken van wetenschappelijke publicaties) en;
  • een nieuwe benadering van de partnerschappen (vallend onder pijlers 2 en 3). Dit zijn initiatieven waarbij de EU en particulieren en/of publieke partners zich ertoe verbinden gezamenlijk de ontwikkeling en uitvoering van een programma van onderzoeks- en innovatieactiviteiten te ondersteunen. Een voorbeeld hiervan zijn de zogenaamde Knowledge & Innovation Communities (KIC’s, Kennis- en Innovatiegemeenschappen) zoals KIC InnoEnergy, KIC Urban Mobility en de Climate KIC.

Bekijk hier een korte video over Horizon Europe

Budget

Budget 2021-2027: 95,5 miljard euro

Synergieën

Synergieën zijn mogelijk met de volgende programma's:

  • European Agricultural Guarantee Fund and the European Agricultural Fund for Rural Development
  • European Maritime and Fisheries Fund (EMFF)
  • European Regional Development Fund (ERDF)
  • European Social Fund Plus (ESF+)
  • Connecting Europe Facility (CEF)
  • Digital Europe Programme (DEP)
  • Single Market Programme
  • Programme for Environment and Climate Action (LIFE)
  • Erasmus Programme
  • European Space Programme
  • Neighbourhood, Development and International Cooperation Instrument (the ‘External Instrument’)
  • Internal Security Fund and the instrument for border management as part of the Integrated Border Management Fund
  • InvestEU Fund
  • Innovation Fund under the Emission Trading Scheme (the Innovation Fund)
  • Euratom Research and Training Programme
  • European Defence Fund
  • Individuele personen
  • Internationale organisaties
  • kmo's
  • Koepelorganisaties
  • Lokale overheden
  • Ngo's
  • Non-profit organisaties
  • Onderzoeksinstellingen
  • Private ondernemingen
  • Publieke ondernemingen
  • Regionale of bovenlokale overheden
  • Scholen
  • Universiteiten/hogescholen

Thema('s)

Digitale agenda
Ondernemingsbeleid
Energie en klimaat
Migratie
Veiligheid en defensie
Justitie en burgerschap
Milieu
Cultuur en Media
Onderzoek en Innovatie
Plattelandsbeleid
Transport
Zorg en welzijn

Info & contact

Read more
Follow us